Anno

Het is niet zeker wanneer "De Grutterij" gebouwd is. Volgens overlevering binnen de familie Zijtveld - de huidige bewoner – zou het huis uit 1634 stammen. Historici van de Loosdrechtse Historische Kring1 menen echter dat in de jaren 1672/’73 veel huizen in Loosdrecht geheel of gedeeltelijk verwoest werden door de Fransen. “De Grutterij” werd al genoemd in de tijd van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), welke opgericht werd op 20 maart 16022. De schepen zouden peulvruchten uit de Loosdrechtse grutterij meekrijgen3. In ieder geval kan geconstateerd worden dat "De Grutterij" thans één van de oudste zo niet hét oudste huis van Loosdrecht is.

“Grutterij”

“Onder ‘grutterij’ kan men twee dingen verstaan. In de eerste plaats het bedrijf, ook wel grutmolen genoemd, waarin ‘grutten’ gemaakt werden, d.w.z. waar de zaadkorrels van boekweit en bepaalde graansoorten (gerst en haver) in kleine stukjes werden gebroken. In de tweede plaats de winkel, waar ‘grutterswaren’ verkocht werden: behalve de grutten zelf ook andere ‘droge’ waren, zoals erwten en bonen, vogelzaad en meel. De grutter was eveneens zowel de man, die grutten maakte (ook wel gorter, grut- of gortmolenaar of boekweitmulder genoemd), als de winkelier, die ze verkocht. Vaak gingen deze beroepen ook samen.”4

Breekstoel
breekstoel

“In een grutterij werd voornamelijk boekweit tot grutten gebroken. Dit was goedkoop voedsel en werd als pap gegeten. De boekweit werd in de grutterij eerst op een eest gedroogd.”5 “Op de eest is de bast al voor een deel gesprongen, hij wordt nu van de gepelde korrel losgemaakt en de zo gepelde korrel wordt tegelijkertijd gebroken”4 tussen de breekstoel (zie afbeelding) aangedreven door de rosmolen. “De paarden in deze rosmolen werden regelmatig bij hun werk afgelost. De viervoeters hielden zelf de zandloper in de gaten. Zodra het laatste korreltje zand was doorgelopen, staakten ze gelijk alle activiteit.“5

Bewoners

Tegenwoordig wordt "De Grutterij" bewoond door Henk en Janny Zijtveld. Sinds 1920 is "De Grutterij" in het bezit van de familie Zijtveld. Enigszins in lijn met het vroegere doel van "De Grutterij", vestigde S. Zijtveld zijn handel in graan en fourages op deze locatie. Dit werd door de jaren heen uitgebreid met het malen (en persen) van granen en andere grondstoffen in meel en brokjes voor koeien, paarden, schapen e.d. Eind 1999 besloot Henk Zijtveld te stoppen met het produceren in Loosdrecht.

Beschrijving

"De Grutterij" wordt in een publicatie over Loosdrechtse monumenten als volgt beschreven:

Het voorste pand van dit tweebeukige dwarspand is het oudste gedeelte van de voormalig grutterij en dateert uit de tweede helft van de zeventiende eeuw (Let wel: Datering uit de eerste helft van de zeventiende eeuw is meer waarschijnlijk).

Het achterste huis heeft een negentiende-eeuws uiterlijk. De twee achter elkaar gezette dwarshuizen liggen schuin aan de weg. De panden hebben één bouwlaag en vormen gezamenlijk een rechthoekige plattegrond. Ieder pand bezit aan weerszijden een beëindiging met een tuitgevel. Het voorhuis heeft een rieten zadeldak, de voormalige schuur erachter heeft een zadeldak dat met pannen bedekt is.

De voorgevel is asymmetrisch en zes traveeën breed. In de gevel zijn twee kleuren baksteen verwerkt. De donkere kleur baksteen is gebruikt voor het muurwerk en de lichte voor de vensteromlijstingen, de vlechtingen en op de hoeken van de voorgevel. Rechts is uit het midden een ingang geplaatst. Hier bevindt zich een paneeldeur met bovenlicht, die gevat is in een decoratieve omlijsting van pilasters met terugliggende velden en een kroonlijst.

Boven de deur is een gevelsteen met een afbeelding van een rosmolen en de naam “De Grutterij” aangebracht. Aan de linkerzijde van de deur bevinden zich drie en aan de rechterzijde twee T-vensters. Het meest rechtse venster heeft een kleiner formaat en is van de opkamer. Alle vensteropeningen zijn voorzien van rollagen en strekken. Groter muurankers vormen de verbinding met de inwendige balklagen. De gevel van de begane grond wordt aan de bovenzijde afgesloten door een gemetselde bakstenen waterlijst. Boven de deur is een in- en uitzwenkende topgevel met een dwarskap aanwezig. Her neorenaissance geveltje wordt afgedekt door natuurstenen dekplaten. Het wordt in de top bekroond door ene pilaster met een smeedijzeren decoratie. In dit geveltje zijn een T-venster en twee rondboogvensters aangebracht. De ontlastingsboog van het T-venster bevat siermetselwerk met gele en rode bakstenen.

De rechterzijgevel van dit voorhuis is nagenoeg blind en is slecht voorzien van kelderluiken en in de top een klein venster met een rollaag en een ontlastingsboog. De gevel van het tweede dwarshuis ligt iets naar achteren maar is wel breder. Op de begane grond is links een driehoekige erker geplaatst met een vierdelig bovenlicht en roeden. Rechts hiervan bevindt zich een dubbel draaivenster, eveneens met roedenbovenlicht.

De oorspronkelijke functie van het pand is af te lezen aan het grote tweedelige lui en een hijbalk onder een afdakje. Deze wordt geflankeerd door een rondboogvenster met roedenverdeling. In de top bevindt zich een klein rond venster met roeden. Beide tuitgevels zijn voorzien van ankers en vlechtingen.

De linkerzijgevels zijn allebei gepleisterd in imitatie natuursteenblokken. Het voorste pand heeft links een deur met bovenlicht en vier klapvensters. Onder de vensters is een waterlijst aangebracht. Het achterste geveldeel is voorzien van diverse soorten vensters. Aan de achterzijde zijn nieuwe bedrijfsruimten bijgebouwd.

zie: "Monumenten-inventarisatie provincie Utrecht - Loosdrecht", Hans Lägers en Marije Strating, Uitgeverij Kerckebosch-Zeist

 

 

 

1 Historische Kring Loosdrecht
2 http://voc-kenniscentrum.nl/
3 bron ontbreekt
4 Uit ‘In en om de Grutterij’ door A.J. Bernet Kempers, Het Nederlands Openluchtmuseum, 1979
5 http://www.openluchtmuseum.nl
6 http://geneaknowhow.net/in/beeld.htm

www.grutterij.nl door Phavorite Webdesign    disclamer